Harfsen heeft geen echte kerk. Harfsen heeft wel een ‘Ons Gebouw’. Dat is van het hele dorp, zoals in de naam ligt besloten. Het wordt in 1952 gebouwd aan de huidige Reeverweg als verenigingsgebouw waarin voorlopig ook kerkdiensten zullen worden gehouden. Het rijke verenigingsleven van Harfsen heeft er decennialang zijn onderkomen gehad, met gymnastiek-, toneel -, zang- en muziekuitvoeringen.

Het plan van de Hervormde Gemeente is om even verderop in het dorp, naast de pastorie aan Bielderweg, een nieuwe kerk te laten verrijzen. Maar daar komt het niet van. In 1978 wordt de daartoe bestemde grond verkocht.

Daarom is ‘Ons Gebouw’ een eenvoudige zaalkerk gebleven, zonder toren of andere architectonische opsmuk, maar wel met bescheiden boogvensters om het licht binnen te laten. In 1955 wordt achter in de kerk een Van Vulpen orgel geplaatst. Buiten komt een vrijstaande Friese klokkenstoel. Die kon in 1962 worden neergezet, dankzij de gulheid van mr. W.H. Fokkema Andrea. Na een inzamelingsactie van muziekvereniging Soli Deo Gloria kan er een luidklok in worden gehangen.

‘Ons Gebouw’ is niet het eerste kerk- en verenigingsbouw in Harfsen. Rond 1900 telt het dorp nog slechts de ‘Harfser School’ en drie huizen. En er staat prominent het gebouw van de Christelijke Jonge Mannen Vereniging (CJMV) uit 1892. Een gevelsteen verwijst naar Prediker 12, vers 1: ‘En gedenk aan uw Schepper in de dagen uwer jongelingschap’. Het is een verenigingsgebouw, maar als de bevolking verder groeit, wordt er ook maandelijks een dienst gehouden. Dan hoeven de gelovigen op die zondag niet in Almen ter kerke te gaan. Vele jaren later biedt dit ‘jongelingengebouw’ ook onderdak aan de kleuterschool en aan een bibliotheek. In 1972 wordt het gesloopt.

Na de Tweede Wereldoorlog, als Harfsen zich echt gaat ontwikkelen, groeit de roep om een eigen kerkelijke gemeenschap, los van die van Almen. Voor de bouw van ‘Ons Gebouw’ is hout nodig en er wordt een beroep gedaan op ‘onze R.K. Broeders (…) bosbazen op het landgoed Joppe’. Niet tevergeefs. Met bijlen en zagen, paarden en wagens en tractoren gaat het aan op Joppe. In een ommezien ligt een grote stapel dennen gereed. De eerste steen wordt in 1951 gelegd door mevrouw Pasma, de weduwe van de Almense dominee die in 1945 is gestorven in het Duitse concentratiekamp Wöbbelin.

 

 

Vroeger was Harfsen in kerkelijk opzicht een wijkgemeente van Almen. In 1961 wordt Harfsen een zelfstandige gemeente. ‘Daarmee wordt een samenhang verbroken die ongeveer zeven eeuwen bestaan heeft’, staat in de krant. Ruim zestig jaar later zoeken de inmiddels Protestante Gemeenten juist weer toenadering tot elkaar, bijvoorbeeld bij het zoeken naar voorgangers.

De bevolking vergrijst en de kerkgang neemt af. Ook ‘Ons Gebouw’ past zich aan de nieuwe tijd aan. In 2025 is met een ingrijpende renovatie begonnen. Het bordes voor de kerk is verdwenen, het podium in de kerkzaal ook. De opstelling van de stoelen wordt een kwartslag gedraaid. Doel van de verbouwing is het scheppen van ‘een multifunctioneel gebouw’ waarin plaats is voor rouw en trouw, voor uitvaarten en erediensten, en voor bezinningsgesprekken in een Kerkcafé.  ‘Ons nieuwe gebouw zal er zo voor heel Harfsen zijn’, zegt de kerkenraad. In februari 2026 is het nieuwe, verkleinde ‘Ons Gebouw’ in gebruik genomen.  Op een zwarte gedenkplaat staat nu: ‘Hier in dit dorp staat een huis, waar geloven en hopen en ook de liefde een pad is om samen te lopen’.